Oct
26
2014

De liefde, de poëzie, de (proces)revolutie

Bekentenisje: ik hou ervan om de gang van zaken te bekijken en verbanden te leggen. In de actie en interactie zelf al associatief waar te nemen. Tijdens de beleving met anderen al drie stappen vooruit, dan twee naar achteren en, huppakee, het genoegen om er weer een vooruit te maken in mijn hoofd.

Dan kan het creatief zinderen van hedonistisch plezier in het moment via Isis, wel en wee van de regeringscoalitie en andere wereldvredes naar de Uiteindelijke Dingen, zoals Gerard Reve de zijns- en liefdesvragen noemde.

Deze gedachte, dit gedicht van hem welt op:

Naarmate ik ouder word, wordt wat ik schrijf
Hoewel fraaier verwoord 
Steeds enkelvoudiger van inhoud 
Liefde, of geen liefde, 
Ouder worden 
En dan de dood.


Kan ik voluit genieten van het moment zelf? Gàààààn?

Eerlijk antwoord…? Ja, tuurlijk. Alleen: het is af en toe hinken op twee benen, iets waar ik nogal goed in geworden ben. Luisteren naar iemand, onwetend genoeg, en tegelijk het proces van een gesprek mee regisseren, voortbouwend op wat zich net heeft ontspind bij monde van diegene waarmee ik spreek. Leiden met een stap langs achteren, zouden oplossingsgerichte collega’s zeggen.

Simpel gezegd: ik kan soms nog meer genieten van het proces dan van de inhoud. Van de weg naar veeleer dan de eigenlijke weg.

Van de kracht van hoe opgedane kleine en meer belangwekkende inzichten over interactie tot stand komen (proces). Leermomentjes (inhoud) die nopen om zaken voor eens en voor immer op te slaan in m’n kop (proces).

In de geruststellende wetenschap dat al dat hersenmateriaal zich op het juiste moment weer aandient in een spannend gesprek met anderen of met mezelf. En door die interactie ontstaan weer nieuwe, tijdelijk vastgebeitelde breinconnecties. Snap je…?

En dan moét ik jou spreken als metgezel van levenslang groeien, en zeg ik medeplichtig dat ik van je hou (en dat ik van dat uit te spreken weer hou, o proces!) en dat ik poëtisch weiger dit neer te schrijven, integendeel verkies om deze woorden met je te delen. Nu.

In de hoop dat je dan de juiste dingen zegt zodat ik niet hoef te regisseren, maar volop mee acteur wordt. Liefst met een café latte in de herstzon, aanbeden schat, terwijl ik je betrap op kamerbreed lachen, onnavolgbaar.

Opnieuw en opnieuw: kan dat?